Wanneer is een wortelkanaalbehandeling nodig?
Binnenin elke tand zit zacht weefsel met zenuwen en bloedvaten (de pulpa). Door een diep gaatje, een lekkende vulling, een barst of een klap op de tand kan dit weefsel ontstoken raken of afsterven. Veelvoorkomende signalen zijn aanhoudende of kloppende pijn, langdurige gevoeligheid voor warm en koud, pijn bij bijten of een dikke wang. Soms verloopt een ontsteking ook zonder duidelijke klachten en wordt deze pas op een röntgenfoto zichtbaar.
Hoe verloopt de behandeling?
Afhankelijk van de situatie zijn voor de behandeling één of twee afspraken nodig. De behandeling verloopt in drie stappen.
-
Verdoving
De behandeling gebeurt onder plaatselijke verdoving en is daarmee in de regel niet pijnlijker dan het plaatsen van een vulling.
-
Reinigen en vullen
Via een kleine opening in de tand worden de wortelkanalen zorgvuldig gereinigd, gedesinfecteerd en gevuld, zodat bacteriën geen kans meer krijgen.
-
Controle
Met röntgenfoto's controleren we of de wortelkanalen tot aan de wortelpunt goed gevuld zijn.
Na de behandeling
Een tand zonder zenuw wordt op termijn brozer. Om de tand duurzaam te beschermen wordt deze afgesloten met een vulling en is, zeker bij kiezen, vaak een kroon aan te raden. Lichte napijn in de eerste dagen is normaal en goed op te vangen met een gewone pijnstiller.
Behoud staat voorop
Wij behandelen gericht op het behoud van uw eigen tand wanneer dat verantwoord mogelijk is. Is een tand niet meer te redden, dan bespreken we eerlijk de alternatieven, zoals een implantaat of brug, inclusief de afwegingen en kosten.